14 januari 2026

Maik Willems hotseflotst, loopt jaap in zijn neus op en overleeft duinenavontuur in tiende etappe Dakar Rally

BISHA – Nee, helemaal fris was hij niet meer toe hij woensdag in het bivak van Bisha aankwam, erkende Maik Willems na afloop van de tiende etappe van de Dakar Rally. De tweede dag van de tweede marathon in de woestijnrally in Saoedi-Arabië werd een ware exercitie voor de coureur van het Bastion Hotels Dakar Team. Dat hij als een van de laatste in de Ultimate-klasse binnenkwam, deerde niet. Hij had het gehaald.

“We hebben vandaag toch wel wat dingen gehad”, verwoordde de immer positieve Willems alle malheur wat eufemistisch. “Wat dat betreft was het een bijzonder dagje.”

Wat was er gebeurd? Willems en zijn navigator Jasper Riezebos kwamen vast te zitten op een duin. “De rechter-jack, de automatische, hydraulische krik, wilde niet omhoog. Daarom hebben we een groot gat moeten graven in de duinen.”

Goed kapot
Hij vervolgde: “Nou ja, vooral Jasper. Hij is een jonge, grote, sterke kerel. Je moet zo’n krik er van onderuit uithalen. Dus dan moet je een gat graven in een duin en dat is niet gemakkelijk, dat kan ik je vertellen. Dat heeft ons anderhalf, twee uur gekost. Een enerverend dagje, een zware dag. We zijn goed kapot.”

In eerste instantie verliep alles vlotjes in de Toyota Hilux. “De duinen vanochtend gingen goed, die waren niet idioot moeilijk. Daarna kwam een paar uur ellende; gebroken duinen met heel scherpe kanten. Dat was twee uur hotseflotsen. Je kunt niet harder dan veertig want anders rijd je de boel vast op kapot. Je zit dan eindeloos te kloten. Dat stuk was zestig, zeventig kilometer lang, dus dan duurt het even met dat tempo, maar uiteindelijk zijn we goed binnengekomen.”

Gehavende neus
Nou ja, wel met een gehavende neus dan toch. Willems: “Ik dook in een diep gat en dat gaf zo’n klap dat de helm mijn bril in mijn neus drukte. Dus nu heb ik een kleine jaap in mijn neus. Dat bloedde als een rund. Via het geneespakketje dat we aan boord hebben, hebben we er wat pleisters en dingen op geplakt. Zo hebben we ons dagje doorgebracht, een ouderwets Dakar-dagje.”

Met nog drie etappes te gaan is het ook wel bijna mooi geweest, bekende Willems. “Je kunt niet het hele jaar blijven rijden. Het moet een keer ophouden. Het is prima dat het zaterdag is afgelopen. Dan hebben we het wel weer gehad. Op een leuke manier, hoor.”

Voordat het zover is, wacht hem morgen de lange etappe van Bisha naar. Al Henayikah, een rit van 882 kilometer met 346 kilometer aan special. “Ik heb gehoord dat het een snelle etappe wordt. We zullen zien.”